1. Samenvatting van de kern
2. Tijdlijn van de feiten.
OVEREENKOMSTIG ARTIKEL 52 VAN HET KONINKLIJK BESLUIT VAN 8 OKTOBER 1981 BETREFFENDE DE TOEGANG TOT HET GRONDGEBIED, HET VERBLIJF, DE VESTIGING EN DE VERWIJDERING VAN VREEMDELINGEN ZAL DE AANVRAAG ONDERZOCHT WORDEN DOOR DE MINISTER OF ZIJN GEMACHTIGDE.
DE BETROKKENE ZAL BINNEN DE ZES MAANDEN, NAMELIJK OP 3 MEI 2022, UITGENODIGD WORDEN OM ZICH BIJ HET GEMEENTEBESTUUR AAN TE BIEDEN, ZODAT DE BESLISSING INZAKE DEZE AANVRAAG AAN HEM (HAAR) KAN WORDEN BETEKEND.
Conformément à l'article 52 de l'arrêté royal du 8 octobre 1981 sur l'accès au territoire, le séjour, l'établissement et l'éloignement des étrangers, la demande sera examinée par le Ministre ou son délégué.
L'intéressé sera convoqué(e) dans les six mois, à savoir le 8 février 2026, à l'administration communale en vue de se voir notifier la décision relative à la présente demande.
Nous avons reçu une décision de refus de séjour de la part de l’Office des étrangers concernant votre demande de regroupement familial. Nous transmettons le dossier à votre agent de quartier pour notification.
Hebben een dossier ontvangen van de gemeente Brussel, dienst vreemdelingenzaken op naam van (mijn echtgenote). Betreft hier een weigering van verblijf in België. Zou U haar kunnen vragen een afspraak met mij te willen maken om deze documenten te ondertekenen aub ?
Dit teneinde in beroep te kunnen gaan tegen deze beslissing.
• 8 maart 2026 - mijn echtgenote verlaat het Belgisch grondgebied/ Schengen-zone wegens het verlopen van haar Orange Kaart. Ik reis met haar mee, maar keer om professionele reden op 22 maart 2026 terug naar Belgie.
Strikt gezien is dit geen officiele betekening, maar we gaan er maar vanuitgaan dat dit in de toekomst toch als 'referentie datum' zal aangewend worden.
Zoals een advokaat vreemdelingenrecht mij recent zei:
"Vreemdelingendienst in België, daar heb je wetten, de interpretatie ervan en de uitvoering ervan. Dat zijn 3 verschillende zaken, en je weet nooit welke ze gaan hanteren. Ook voor ons als advokaat een grote frustratie"
3. Juridische kernpunten.
- artikel 20 VWEU (Zambrano‑bescherming van het gezinsleven van een Unieburger),
- artikel 21 VWEU (recht op vrij verkeer en verblijf),
- artikelen 7, 24 en 45 van het EU‑Handvest (gezinsleven, bescherming van het kind, vrij verkeer).
4. Beoordeling bestaansmiddelen.
De beoordeling van de bestaansmiddelen gebeurde niet volgens artikel 40ter Vreemdelingenwet
Tijdens de aanvraag werden alle inkomsten van de laatste 12 maanden toegevoegd, waaronder:
- loonfiches
- huurinkomsten (attest boekhouder)
- fiche 281.xx
- bijkomende vergoedingen / baankosten
- inkomsten als zelfstandige
DVZ heeft deze inkomsten niet in aanmerking genomen omdat ik zelfstandige ben.
Dat staat nergens in artikel 40ter Vreemdelingenwet, noch in de uitvoeringsbesluiten.
Artikel 40ter vereist enkel dat de middelen:
- stabiel,
- toereikend,
- regelmatig
zijn.
Er bestaat geen wettelijke basis om inkomsten van zelfstandigen uit te sluiten of te minimaliseren.
Dit is in strijd met vaste rechtspraak
De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen heeft herhaaldelijk geoordeeld dat:
- alle reële inkomsten moeten worden meegewogen, ook die van zelfstandigen;
- DVZ geen extra‑wettelijke voorwaarden mag opleggen;
- DVZ geen automatische uitsluiting mag toepassen op bepaalde inkomstenbronnen;
- DVZ de inkomsten concreet en individueel moet beoordelen.
In mijn dossier is precies dat gebeurd:
DVZ heeft een categorie inkomsten genegeerd, zonder wettelijke basis en zonder individuele beoordeling.
CITAAT UIT DE WEIGERING (uit het Frans vertaald):
De fiches 281.20 zijn door een particulier ingevuld en kunnen nog worden gewijzigd. Ze bewijzen niet dat de bedragen effectief bij de FOD Financiën zijn aangegeven. Alleen een bewijs van verzending of ontvangst kan dat aantonen.
De loonfiches van 2024–2025 zijn opgesteld door een sociaal secretariaat, maar de gegevens worden aangeleverd door de bedrijfsleider of zijn boekhouder. Ze bewijzen dus niet met zekerheid het werkelijke inkomen of de werkelijk betaalde sociale bijdragen.
Het ontbreken van officiële documenten zoals een fiscale fiche 281.20 met bewijs van verzending, of andere officiële documenten die het nettobedrag van de inkomsten aantonen, verhindert de Dienst Vreemdelingenzaken om de bedragen te verifiëren.
Wat de huurinkomsten betreft: een boekhoudkundig document is onvoldoende zonder eigendomsbewijzen, huurovereenkomsten, aanslagbiljetten onroerende voorheffing en bankuittreksels die de regelmatige betaling van de huur aantonen.
De enige inkomsten die in aanmerking kunnen worden genomen zijn de maaltijdcheques, met een maximum van 184 €/maand, wat ver onder de referentiedrempel ligt van 120% van het leefloon voor een persoon met gezinslast (2.131,28 €).